<body><!-- --> --></script><div id="space-for-ie"></div>

31.1.05

Medeplichtig

Mijn lieve kat, die zachte langharige boskat die altijd zo verleidelijk op mijn schoot kruipt en spinnend tegen mijn buik in slaap valt. Die lieve kat die me zo aan het lachen maakt als hij papiertjes uit de prullenmand graait en ze voor mijn voeten legt in de hoop dat ik ze door de kamer gooi, die lieve kat is een gewetenloze sloper.
Ik weet dat het in zijn genen zit een muis te vangen als hij de kans krijgt en dat dat in het dierenrijk helemaal geen brute moord is en toch vind ik het hartverscheurend wanneer hij het doet. Maar wat veel erger is, is dat ik met tegenzin en bewondering tegelijk medeplichtig ben geworden aan zijn laatste misdrijf. Zie hier het stuitende en onomstotelijke bewijs.

30.1.05

Spotgirl = gezegend

Het grote nadeel van computers is dat je bestanden eigenlijk nooit helemaal veilig zijn. Het lijkt zo betrouwbaar, al die 'bewaar als' knoppen, maar het is natuurlijk schijnveiligheid. Met pijn in mijn hart denk ik soms terug aan de belangrijke documenten en archieven die verloren gingen tijdens format-C sessies of verdwenen als Windows weer eens crashte. Zo ben ik een keer een uur voor de deadline een compleet artikel van vijf a-4tjes kwijtgeraakt omdat mijn computer vastliep. Een andere traumatische ervaring was de nacht waarin mijn volledige archief van een half jaar mailen in nullen en enen opging tijdens een zenuwslopende formatteer-actie.
Tot op de dag van vandaag wordt mijn computergebruik beinvloed door die droevige gebeurtenissen. Zo klik ik nog steeds vaker dan nodig op 'save' als ik aan een verhaal werk en de belangrijkste mailtjes gaan automatisch via de printer naar een speciale archiefmap.
Sinds september vorig jaar werk ik mijn oude website weer bij. De stukjes die ik erop plaats staan niet op mijn harde schijf, maar op de server van blogger.com. Het zijn geen meesterwerken, maar ik hecht er wel waarde aan. Het zijn vingeroefeningen die ik wil koesteren voor later. Het is als met de souvenirs die ik van verre reizen heb meegenomen. Ik heb ze opgeborgen in dozen omdat ze eigenlijk niet passen bij de andere prullen in mijn huis, maar toch zijn ze er, de stille bewijzen van wat ik heb meegemaakt.
Laatst, tijdens een discussie over wat nu eigenlijk het nut is van zo'n particuliere weblog, vertelde een vriend dat hij webloggen ziet als joggen met woorden. En zo is het ook. Mijn weblog is een soort tekst-aerobic. Soms doe ik het dagen achter elkaar en het schiet er ook regelmatig bij in, maar altijd als ik weer heb geschreven, is er dat voldane gevoel dat je hebt wanneer je hebt gesport.
In theorie zouden die teksten op mijn weblog van de ene op de andere dag kunnen verdwijnen. Een fatale fout van blogger en alles is weg. Het is een huiveringwekkende gedachte.
Daarom ben ik vandaag begonnen met het aanleggen van een tastbaar archief van teksten, keurig gebrand op cd's die ik in plastic mapjes opberg. En voor de zekerheid heb ik mijn site meteen maar laten zegenen via internet. Want ook dat kan tegenwoordig, de techniek staat voor niets. De Ierse site Digibless biedt een volledig geautomatiseerde zegening van alle soorten computerbestanden, websites inbegrepen. Het gezegende bestand wordt naar de digibless-server geupload, waar altijd weer vandaan te halen is.
Kan ik tenminste met een gerust hart verder tekst-aerobicen.

27.1.05

Vrienden chaos

Anderhalf jaar geleden was het opeens een enorme hype: vriendennetwerken op internet. Het begon met friendster.com en al snel volgden er - onder de noemer 'sociale software' - meer. Het idee achter de vriendensites is simpel: je wordt lid en maakt een profiel aan, nodigt je vrienden uit hetzelfde te doen, die nodigen hun vrienden weer uit en voor je het weet is je vriendenbestand als een olievlek uitgebreid en kom je om in de virtuele contacten. Zo heb ik op de friendster-variant orkut.com inmiddels een netwerk van 3.890.766 mensen opgebouwd. Dat doet het ongetwijfeld goed op feesten en partijen, maar de grote vraag blijft natuurlijk: wat moet je met zoveel sociale contacten?
De makers van de nieuwe Nederlandse netwerksite hyves.nl hebben zichzelf kennelijk dezelfde vraag gesteld, want hun sociale software gaat verder dan alleen een virtueel netwerk van namen en plaatjes. In eerste instantie lijkt hyves niet veel anders dan friendster en orkut, maar er is meer. Hyves heeft namelijk WWW. In dit geval staat dat niet voor World Wide Web, maar voor Wie Wat Waar. Op hyves kun je van al je vrienden zien wat ze doen en waar ze zijn. Dat geven ze namelijk aan op de site. Spotgirl die in het Vondelpark ligt te zonnen bijvoorbeeld. Of Marietje die in de stad aan het winkelen is. Hoe dat erop komt? Simpel: je stuurt een sms naar hyves met de tekst: Spotgirl lig te zonnen @ Vondelpark en hyves zet dat online.
En er is meer. Via datzelfde sms-systeem kun je er ook achter komen waar je vrienden uithangen zonder dat je in de buurt bent van een computer en zonder ze te bellen. Dat gaat als volgt: je stuurt weer die sms 'Spotgirl lig te zonnen @ Vondelpark' naar hyves en vervolgens sms't hyves je de meest recente locaties waar je vrienden zijn.
Zo kun je dus, door 1 klein bericht te versturen in een paar minuten achterhalen waar je vrienden zijn. Er is overigens wel een maximun aantal sms'jes dat je kunt krijgen, anders zouden de mensen met een
3.890.766 contacten in hun lijstje knettergek worden natuurlijk.
Volgens hyves maakt hun WWW-dienst het makkelijker en sneller om met elkaar afspreken. Maar echt overtuigd van dat gemak raakte ik niet. En dus besloot ik me voor te stellen hoe dat in de praktijk zou gaan.
Stel: ik lig vrolijk in het Vondelpark en sms dat naar hyves. Vervolgens krijg ik via acht sms'jes te zien waar mijn vrienden zijn. De een zit in het Oosterpark, de ander op een terras in het centrum, weer iemand anders is op zijn werk in het westen van de stad en een vierde wandelt door de Kalverstraat. Mijn vrienden hebben ook mijn locatie doorgekregen en nu weten we allemaal van elkaar waar we zijn.
En dan? Ik lig nog steeds in het park als ik een nieuwe sms krijg: 'Ik zie dat we vlakbij elkaar zijn! Wat drinken?" Dan volgt het tweede bericht: "Jij in het Vondelpark, ik in het Oosterpark, zal ik naar je toekomen?" De derde sms: 'zit nu op werk, maar lunch in het Vondelpark lijkt me goed plan, waar zit je, dan kom ik ook." En de vierde: "Kom ook winkelen in de Kalverstraat, het is uitverkoop!"
Ik besluit de vriendin in de Kalverstraat te bellen om te zeggen dat ik eraan kom. Ondertussen krijg ik een bericht binnen van een vijfde vriend: "Ik loop net het park in! Waar zit je? Dan kom ik naar je toe!" Ik bel hem meteen terug om te zeggen dat ik al heb afgesproken in de Kalverstraat en tijdens het gesprek hoor ik dat er nog een sms binnenkomt. Ik hang op en lees dat de vriend in het Oosterpark zijn spullen heeft gepakt en ook onderweg is naar het Vondelpark.
Dit gaat niet goed. Ik besluit de vriendin in de Kalverstraat af te bellen. Dat nummer is in gesprek. Ik spreek in dat ik toch maar niet kom, hang op en weet opeens niet meer wie naar naar mij onderweg is en wie ik nog moet sms'en of bellen.
Weg rustige middag in het Vondelpark.
Hyves staat voor bijenkorf: al je vrienden binnen handbereik als bijtjes in een korf dus. Het is een mooie vergelijking, maar er is een groot probleem: bijtjes zijn klein en zoemen snel van hot naar her. Net als sms'jes. Maar mensen zijn groot en traag.
De techniek achter hyves werkt, maar in praktijk denk ik dat er nog heel wat moet gebeuren voordat we er volledig gebruik van kunnen gaan maken.

25.1.05

Rijgt u even mee?

Soms zou ik willen ik dat ik nog een meisje was. Dan zou ik uren kraaltjes rijgen. De eigenaresse van deze kralenwinkel heeft het wat dat betreft slim aangepakt. Zij heeft een excuus om dagelijks met kleine-meisjesdingen bezig te zijn. Werken te midden van honderdduizenden kleurige en glimmende kraaltjes in kleine snoepzakjes en cursussen kralenrijgen geven, wat een paradijselijk bestaan moet dat zijn.
Of zou het gaan vervelen? Voor mijn werk schrijf en spreek ik regelmatig over nieuwe onderwerpen, maar een kraaltje blijft altijd een kraaltje...


24.1.05

Stoute sneeuw

Zouden de vlokken vanacht uit zichzelf zo zijn gevallen?

Nieuw 'cameraadje'

Mag ik je voorstellen aan mijn nieuwe vriendje? Hij heet Ixus 500.
We kennen elkaar precies 1 dag maar zijn nu al onafscheidelijk...

20.1.05

Nederlands-Amerikaanse radio

Een tijdje geleden maakte ik kennis met de nieuwe internetradio-trend iPodder, een programmaatje waarmee je digitale radioprogramma's - podcasts - op je iPod kunt zetten. En nee, dat werkt niet alleen maar op de iPod, het past ook op andere digitale muziekspelers.
Een van de aangenaamste verrassingen op iPodder was de podcast van Dawn en Drew, een onaangepast jong stel uit Amerika dat een eigen praatprogramma maakt vanuit de huiskamer.
Ik had nooit verwacht dat ik zo geboeid kon raken door gesprekken over niets, want daar hebben Dawn en Drew het over. Ze bespreken de meest onzinnige ingredienten uit het leven en weten me daar steeds weer mee te boeien. Misschien is het omdat het leven nu eenmaal vol zit met onzinnigheid dat ze zo leuk zijn, maar ik denk dat het komt door door hun droge humor, want voor twee amataeurs is die verluffend. Hun stemgeluid heeft een rustgevende en lachwekkende uitwerking op me die nog het meest lijkt op het zweverige, niets-kan-mij-nog-deren gevoel dat je overvalt na het roken van een joint.
En vandaag ontdekte ik opeens dat ze mijn stemgeluid ook hebben ontdekt.

Onlangs besprak ik hun 'Dawn and Drew Show' in Radio Online en wat bleek: via een mysterieuze digitale omzwerving was mijn column uit dat programma doorgedrongen tot hun huiskamer. De afstand van het Hilversumse Mediapark naar hun geimproviseerde studio in Amerika was in enkele minuten afgelegd toen een enthousiaste internetter Dawn and Drew op de link naar de uitzending attendeerde. Ze klikten op 'save as' en hup, daar schalde het oerhollandse Radio Online door hun Amerikaanse huiskamer.
Natuurlijk begrepen ze niets van mijn verhaal. Maar dat deerde niet, hun programma bestaat immers uit nutteloze informatie en dus kon dit onbegrijpelijke verslag daar nog wel bij. Als twee echte radiomakers vertaalden Dawn en Drew de aandacht van deze curieuze 'Dutch show' voor hun hobby. Het werd een vreemde, erotische vertaling die net zo onzinnig was als al hun andere gesprekken. Maar het was heelijk om naar te luisteren.

Professionele Nederlandse radio vermengd met Amerikaanse huiskamerradio, zo ver weg en toch zo dichtbij.
Ik kon maar een conclusie trekken: internet is leuk.


Luister naar
'The Dawn and Drew Show" over Radio Online.

19.1.05

Zon in mijn huiskamer


Zo kwam de zon op toen ik, slaperig van een korte nacht, aan mijn ontbijt begon...

18.1.05

Fetish?


Gelukkig, ze zijn multifunctioneel.
Of is dit slechts het begin van een sokken-fetish zoals deze dame die heeft?

17.1.05

Mijn buurman en ik

Ik heb altijd een grote afkeer gehad van mijn vorige buurman, een gedrongen mannetje met veel te kleine ogen in een veel te pafferig hoofd. Eigenlijk de lelijke variant van Geert Wilders, voor zover dat mogelijk is. Hij had geen vriendin, wel een gloednieuwe patserige felblauwe Mazda MX-nog-wat sportwagen met glinsterende opzetstukken die hij dagelijks poetste. Dat weet ik omdat ik hem altijd thuis zag komen van zijn werk als ik tegen een deadline zat aan te (t)hikken. Dan stapte hij uit, deed hij overdreven behoedzaam het portier dicht, haalde zijn aktetas uit de piepkleine kofferbak en inspecteerde hij poetsend de lak om vervolgens nog even van een afstandje het hele voertuig te bekijken.
Ik probeerde dan altijd te bedenken wat hij op dat moment tegen zijn Mazda zei, want ik weet zeker dat hij met zijn auto sprak. Misschien wel: "Tot morgen liefje, dan rijden we weer lekker samen naar kantoor. Of: "Oh, wat ben je toch een geil ding, kon ik je maar mee naar boven nemen."
Toen ik op een zondag ontdekte dat hij zijn auto ook startte als hij nergens heen hoefde en een vriend me vertelde dat autofreaks dat doen om de motor gesmeerd te houden, brak mijn klomp. Natuurlijk is het leuk om iets waardevols te hebben, maar dan hoef je er toch niet zo verkrampt mee om te gaan? Dan hoef je toch niet zo angstvallig je deur dicht te doen alsof het een antiek glas-in-loodraampje is? Hoe kun je er dan nog van genieten? Het was me meer dan duidelijk: deze man zou nooit, maar dan ook nooit een vriendin krijgen en eenzaam sterven, met zijn Mazda in een fotolijstje naast zijn bed.
Wat een zielenpoot.

Inmiddels ben ik verhuisd en heb ik mijn buurman al jaren niet meer gezien. Eigenlijk had ik hem al uit mijn geheugen gewist, tot ik vandaag opeens weer aan hem moest denken...

Het zit zo: na lang dromen heb ik iPod sokken gekocht. Eerst zou ik ze delen met webcam- en sinds kort ook weblogprinses Corrie, maar schoorvoetend biechtte ze op dat ze ze eigenlijk het liefst zelf hield omdat ze zo moeilijk kon kiezen. En dus sprong ik op mijn fiets om ze voor mezelf in te slaan.
"Wilt u er eentje of zes?"
Verbaasd keek ik de jongen achter de balie aan: "Kun je ze ook per sokje kopen dan?"
"Liever niet, maar het kan inderdaad ook per stuk," antwoordde hij droog.
Even raakte ik in vertwijfeling: zes simpele minisokjes voor dertig euro is wel erg veel.
Ik besloot er een test op los te laten: als ik er maar eentje mocht kopen, welke zou het dan worden?
De appeltjesgroene. Ja, die moest het zeker zijn, perfect bij mijn knalrode laarsjes. Maar ja, het felroze sokje leek wel speciaal voor mij gemaakt. Roze loopt als een rode draad door mijn leven, dus zonder het roze sokje zou mijn iPod en dus mijn bestaan niet compleet zijn. De grijze zou handig zijn voor zakelijke afspraken, maar de lichtblauwe voor op het strand, de paarse voor luie zondagen op de bank. En oranje is mijn lievelingskleur dus dat sokje moest ik zeker hebben.
Opeens begreep ik waarom Corrie de sokjes wel allemaal wilde houden: deze sokjes horen bij elkaar! Bovendien: als je zo'n prachtige digitale walkman hebt, dan gun je die toch het beste van het beste?
En dus kocht ik voor dertig euro zes piepklein gebreide sokjes met een appeltje erop. Fluitend fietste ik naar huis en als een klein meisje dat met haar poppen speelt heb ik ze een voor een bij mijn iPod aangedaan. Ze zaten als gegoten. Maar wat was dat? Een kras op mijn schermpje? Geschrokken begon ik te poetsen.
En op dat moment zag ik mijn bezeten buurman weer voor me.

14.1.05

Waardevolle kroegpraat

Vanavond, na de uitzending van een nieuwe De Leugen Regeert, raakte ik in de kroeg in gesprek met de bedenkers van een indrukwekkend maar (nog) niet bestaand fenomeen. Hun idee, ontstaan in de trein na een lange werkdag, maakte grote indruk op me. Het was het concept van 'De Dirkje'. Niet 'De Dirk' zoals iedere supermarktganger hem kent, of 'Het Dirkje', maar 'De Dirkje'.
Dit behoeft wellicht enige uitleg.
De Dirkje is een droomwinkel voor kleine meisjes met een grote fantasie en een zwak voor pastelkleuren en commerciele speeltjes. De Dirkje is een winkel waar alles te koop is wat je maar kopen wilt, van zachte ijsjes en zoete dropjes tot roze cup-a-soupjes met gele croutons in een doorzichtige beker. De Dirkje is eigenlijk een grote Alice in Wonderland omgeving waar je stoutste wensen in vervulling gaan en waar niets te duur is. Want daar staat 'De Dirkje' om bekend.

En in De Dirkje is ook een ballenbak. Geen bak met ballen, maar een bak voor ballen. Eigenlijk een bak voor mannen die niet mee willen winkelen in De Dirkje, maar die toch met hun vriendin de stad in willen. De ballenbak is er een vol technische snufjes, sexy blaadjes en stoere gadgets waar de batterijen nooit van opgaan. En in de ballenbak ben je nog het meest welkom als je een keurig pak met stropdag draagt.

Opeens zag ik mezelf met een pluche boodschappenmandje vol snoepjes en pastelkleurige meisjes-gadgets door De Dirkje huppelen en plots halt houden omdat ik door door de speakers hoorde: "Roderikje wil opgehaald worden bij de ballenbak, ik herhaal: Roderik wil opgehaald worden bij de ballenbak. Wil de vriendin van Roderik zich nu melden bij de ballenbak?"

Het was een heerlijke fantasie en als ik kon toveren, dan had ik terplekke een filiaal van 'De Dirkje' tevoorschijn getoverd
. Ik zou er vaste klant zijn (met een goudkleurige 'De Dirkje' bonuskaart met roze stippen), er deze wondertelefoons kopen en Roderik, die zou ik nooit meer ophalen uit de ballenbak....

Nephond!

Zaterdagmiddag drie uur, het is het slechtste moment om een computerwinkel binnen te gaan. Toch kon ik het niet laten. Ik heb namelijk last van impulsieve koopdrang en als die zich eenmaal aandient, is er geen weg meer terug. Het resultaat van die koopdrang is trouwens een wonderlijke collectie nutteloze voorwerpen. Onhandige jaren vijftig schoentjes die ik nooit heb gedragen, poedertjes en glosses in alle kleuren van de regenboog, wondersmeersels tegen wallen, gadgets die ik nooit heb gebruikt zoals daar zijn de oranje vleesthermometer en het elektrische voetenbubbelbad, hippe handtasjes in honderd tinten roze die altijd net te klein zijn voor de gelegenheid en stapels prachtige avondjurkjes die na het aperitief al niet meer passen.
Ik ben vast een ideale consument.
Zo ook die zaterdag waarop ik opeens mijn zinnen op de Sphere had gezet. Face trekking heet de technologie achter deze spectaculaire webcam die als een glazen oog op een stokje staat en je gezicht volgt wanneer je beweegt. Ik moest en zou hem die middag nog in huis hebben.
De winkel was vol als een populaire kroeg op een vrijdagavond, maar het hinderde geen mens, want er gebeurde iets waardoor niemand nog op de wachttijd lette...

Tussen de knieen van de klanten door kroop een klein jongentje door een wereld waar wij op dat moment geen rol in hadden. Kraaiend van geluk zat hij achter zijn nieuwe vriendje aan; het huisdier van de computerwinkel dat de klanten afleidde tijdens het wachten: Aibo. Voor wie niet weet wie Aibo is: dat is het meest ingenieuze huisdier dat er bestaat, het paradepaardje, zeg maar paradehondje van Sony. Aibo kan lopen, zitten, pootjes geven, blaffen en kwispelen als een echte hond.

En het elektronische beest had het hart van het jongetje gestolen toen hij met zijn vader in de rij ging staan. Het kleine kind zag niets anders meer dan zijn nieuwe speelkameraad. Het was een wonderlijk schouwspel, de opbloeiende vriendschap tussen het driejarige hummeltje en de robothond. En ook al wist ik met mijn verstand dat het kwispelende en snuffelende dier op batterijen liep en dat al zijn reacties waren voorgeprogrammeerd, toch welde een gevoel van ontroering in me op. Het jongetje sprak het hondje aan alsof het zijn beste vriend was. Bemoedigend zei hij: "Kom maar bij mij, kom maar met me spelen! Kom maar hond. Hondje, jij niet bang zijn, je bent lief he!?" En Aibo schuifelde tot grote vreugde van de peuter, geruisloos zijn kant op. Alsof het echt luisterde. Het jongetje aaide, het hondje kirde, het jongetje hield een vel papier voor, het hondje nam het in zijn bek, het jongetje riep, het hondje blafte. En ik keek mijn ogen uit.

Tot er opeens iemand met een echt hondje binnen.

Een man met een vrolijk zwart vuilnisbakkenras sloot aan in de rij. Al snel zag de hond het jongetje op de grond zitten, rukte zich los en kon zo net voordat zijn baas hem pakte een grote natte lik in het kleine gezichtje van het kind geven. De schrik van de peuter was enorm, tranen welden op in zijn wijd opengesperde kleine oogjes en angstig stak hij zijn handjes omhoog langs de benen van zijn vader waartegen hij in snikken uitbarstte.
De baas van het echte hondje verontschuldigde zich meteen, de vader van het geschrokken kind keek hem wat verstoord aan en het echte hondje staarde schuldbewust naar zijn baas.
Ondertussen bleef Aibo mechanisch kwispelen alsof er niets was veranderd. En alsof dat niet genoeg was, zei het jongetje tegen zijn vader, wijzend naar Aibo: "Papa, ik vind die hondje veel liever!"

Mijn hart brak van verdriet en bij de kassa aangekomen vroeg ik me opeens af waarom ik die futuristische face-trekking webcam eigenlijk wilde. De ideale consument in mij won en ik kocht de camera, maar toen ik de winkel uitliep heb ik van Aibo bewust geen afscheid genomen.

Wel van het echte hondje.

11.1.05

Weg met spam

Voorgoed verlost zijn van spam, wat zou dat zalig zijn. Helaas is het nog altijd een utopische gedachte en worden de ongewenste mailtjes nog steeds met bakken tegelijk in mijn inbox afgeleverd. Al die penisvergrotingen en die v.i.a.g.r.a- aanbiedingen, de goedkope merkhorloges, de miljoenen jackpots en de tips en trucs om van mijn schulden en overgewicht af te komen, ik kan ze niet meer zien.
Maar vanaf vandaag gaat daar verandering in komen. Tenminste, als het aan de door de wol geverfde internetondernemer Boris Veldhuijzen van Zanten ligt. Hij bedacht de nieuwe anti-spamdienst Junker.nl waarmee je voor eens en voor altijd van al je spam af schijnt te kunnen komen. En dat wil ik, want ik kan die bakken vol treurnis niet meer aan.
Voor twee euro per maand ruimt Junker de rotzooi voor me op, met behulp van de 'challenge / response' methode. In gewoon Nederlands betekent dit dat iedereen die mij mailt eerst door Junker wordt gevraagd of hij of zij wel echt is wie hij of zij beweert. De persoon die mij mailt moet eerst eenmalig een code intikken bij Junker en pas als die is goedgekeurd stuurt Junker de mail naar mijn inbox. Het is misschien wat veel gevraagd aan onwetende vrienden en kennissen, maar ja, je moet iets doen om van de spam af te geraken, niet? Bovendien kun je van tevoren je hele adresboek importeren in het Junker systeem, waardoor niemand uit je adresboek iets hoeft te merken van de nieuwe anti-spamdienst.
Kom maar op, spam, dacht ik.
Maar helaas, Junker werkt niet.
Niet voor mij in elk geval.
Allereerst is er het onbegrip. Al snel kreeg ik geschrokken reacties van mensen die er niets van snapten: "Je mail doet gek!" En: "Ik moet allerlei security dingen invullen, dat durf ik niet!"
Bij iedereen moest ik uitleggen dat er echt geen enkel addertje onder het gras zat, maar dat ik er alleen maar mijn spamprobleem in het bijzonder en dat van de wereld in het algemeen mee wilde oplossen. Maar het werkte niet. En het vertraagde de communicatie enorm. Eigenlijk reageerden alleen de hardcore techneuten snel en positief: "Ah, lekker nerdish! Jij hebt er ook alles voor over, om van je spam af te komen he!?"
Toch zette ik door.
Na lijsten vol adressen op Junker te hebben ingevoerd en van allerlei nieuwsbrieven te hebben aangegeven dat ze echt geen spam waren en dat ze gewoon in mijn inbox mochten worden afgeleverd, besefte ik opeens wat ik aan het doen was: ik was mijn hele adressenbestand opnieuw aan het inventariseren en beheren, maar dan op een website in plaats van in mijn vertrouwde mailprogramma. Ik had mijn spamprobleem alleen maar verschoven van mijn mailprogramma naar een site op internet.
Teleurgesteld en doelloos tikte en klikte ik nog wat door op het wereldwijde web tot ik een andere opmerkelijke spamsite tegenkwam. Het was spambook.nl, waar je spam heen kunt sturen opdat het bewaard blijft. Want, aldus het persbericht op de site, spam is ook grappig, verrassend, boeiend, ontroerend en dus bijna een kunstvorm.
Tot mijn verbazing bleek spambook van niemand anders dan junker.nl te zijn. De spambestrijder verzamelde dus spam...
"En om deze kunst niet verloren te laten gaan gaat Junker een boek vol met spam maken dat op geen koffietafel mag missen," las ik verder.
Ik vroeg me af of dat oplagewaardig is: een boek vol spam.
En ik probeerde me voor te stellen wie er zo gek zou zijn een stapel spam op de koffietafel te leggen.
Het idee klinkt zo leuk, maar in de praktijk zal het volgens mij net niet of nooit echt werken.
Net als junker.nl

'Een echt sprookje', deel II

Sinds kort ben ik in het bezit van een streekroman. De teksten zijn zo oogverblindend dat ik het niet kan laten een paar fragmenten te citeren. Fasten your seatbelts:

"Toen ze in een van de nauwe steegjes met kinderkopjes achteruit liep om een beschilderd gebouw te bewonderen, bleef ze met de hak van haar schoen vastzitten tussen twee keien. Terwijl ze worstelde om los te komen, hoorde ze het getrappel van paardenhoeven snel dichterbij komen. Een seconde later werd ze door een paar sterke armen opgetild en in veiligheid gebracht, terwijl het koetsje vlak langs haar ratelde. Geschrokken liet ze een ogenblik haar hoofd rusten op een stevige schouder, zich vaag bewust van het gevoel van zijde onder haar wangen en de frisse mannelijke geur van eau de cologne (....)
Met haar schoen in zijn hand kwam hij terug. "De hak is een beetje gehavend, maar verder onbeschadigd." Op zijn hurken gezeten schoof hij de pump aan haar smalle voet, waarna hij zich weer in volle lengte oprichtte. Neerkijkend op haar hartvormige gezicht zei hij (...)
"Wat u nodig hebt, is iets wat in alle omstandigheden helpt, een lekker kopje thee." (...)

"Dan neem ik je mee naar Schloss Lienz om te eten."
Met een kleur herhaalde ze: "Schloss Lienz?"
"Het dateert uit de zestiende eeuw, het is een fort geweest en een jachtslot, nu is het een restaurant. Vanaf het terras heb je een schitterend uitzicht over de stad."
"Dat klinkt geweldig, maar dan moet ik me eerst verkleden," zei ze met een blik op de vage vlekken op haar jurk.
"Ik ook. Waar logeer je?"
"In het Bregenzerwald."
"Wat toevallig, ik ook. Kamer 54."
"Ik heb kamer 56!" riep ze verbaasd uit. (...)
Dominic bracht haar terug naar de deur van haar kamer. "Hoe lang heb je nodig? Een halfuur?"
Omdat ze niet had gerekend op een diner moest ze naar de auto om haar koffer op te halen. "Lang genoeg om te douchen en me aan te kleden," antwoordde ze snel.
"Mooi zo." Een paar grijze ogen kekend lachend in een paar groene. "Over een half uur klop ik op je deur."
Toen ze naar hem opkeek streek hij met zijn vinger langs haar wang, waarna hij zijn donkere hoofd boog en zacht haar lippen met de zijne raakte, in een vederlichte kus die haar knieen deed beven. Verward, met een hand tegen haar lippen geslagen, zag ze hem in zijn kamer verdwijnen, waarna ze als betoverd haar eigen kamer binnenging, zacht de deur achter zich sluitend.

10.1.05

Mama!

Opmerkelijk nieuws: het zijn niet de 'gepassioneerde' vrijpartijen, de mierzoete happy endings, het rustgevende plattenlandsleven of de steenrijke potentiele bruidegoms die de streekroman populair maken, maar de alwetende moeder! Na uitgebreid onderzoek te hebben gedaan promoveert deze week een heuse wetenschapper op dit vraagstuk. Promoveren op de streekroman, het lijkt me geen sinecure, want dan moet je er vast heel veel van lezen. Of zou een exemplaar volstaan om dit genre te doorgronden? Ik besloot de proef op de som te nemen en kocht "Een echt sprookje" van Lee Wilkinson.
Nu hoor ik u denken: Lee wie!? Voor velen is ze inderdaad geen bekend schrijfster, maar vergis je niet, mevrouw Wilkinson heeft een compleet oeuvre op haar naam staan. 'The marriage Takeover' bijvoorbeeld en niet te vergeten 'A Husband's Revenge'. En...jawel daar heb je haar: 'The secret Mother'. Dus toch die moeder....
De biografie van de schrijfster aan het begin van het boek maakte een onverklaarbare nieuwsgierigheid in mij wakker. Leest u even mee?
"Voor Lee Wilkinson is haar familie, haar hond incluis, het belangrijkste in haar leven. Naar eigen zeggen is ze meer een gevoelsmens dan een verstandsmens, wat haar bij het schrijven van romantische verhalen bijzonder goed van pas komt. Ze is dol op gezelligheid en het is dan ook geen wonder dat ze vaak een huis vol mensen heeft. "
Zucht...
U begrijpt, dit magnum opus moet ik uitlezen, het liefst in een adem. En daar waar de emoties hoog oplopen en ik mijn zilte tranen met moeite nog kan bedwingen, zal ik met mijn ranke doch krachtige vingers zacht zuchtend en in gedachten smachtend de bladzijdes omslaan opdat ik kan doorvertellen wat doorverteld moet worden: of Nicola Whitney ooit het echte geluk zal vinden....

6.1.05

Vreemde gedachten

"Goed, als ik het samenvat wilt u dus hepatitis A, difterie, tetanus, polio en de tyfus?"

...stilte...

"Ik kan niet wachten, dokter."

Vandaag ben ik ingeent tegen de gevaren van een nieuwe verre vakantie. Ik keek niet naar de naalden, de prikjes deden geen pijn, maar nu het avond is voel ik me ziek. Het lijkt wel alsof ik veel te fanatiek aan de gewichten in de sportschool heb gehangen, mijn spieren doen vreselijk pijn en mijn armen voelen loodzwaar. Ik ben moe en voel me grieperig. Niet zo gek natuurlijk, mijn lichaam is als een bezetene antistoffen aan het aanmaken omdat ik van binnen word aangevallen door de chemische variant van een reeks ernstige ziektes. Onderweg naar huis vroeg ik me af wat er was gebeurd als opeens was gebleken dat mijn lichaam helemaal geen antistoffen aanmaakt tegen deze ziektes. In de morbide fantasie die in mij opwelde viel ik ter hoogte van de Nederlandsche Bank van mijn fiets alwaar ik schuimbekkend en hyperventilerend bleef liggen. Een moedige taxichauffeur tilde me op en reed me naar het ziekenhuis terwijl ik hulpeloos de achterbank van zijn dure Mercedes onderkotste. Mijn inentingsboekje, dat uit mijn tas was gevallen terwijl de taxichauffeur me naar zijn auto droeg, bleef als vergeten bewijsmateriaal achter. In het ziekenhuis aangekomen bleek al snel dat ik een hopeloos geval was. Zoveel hepatitis A, difterie, tetanus, polio en tyfus tegelijk, dat kon geen mens aan.Bezweken aan een reeks tropische ziektes zonder dat ze ook maar een voet in de tropen zette.

Bah.

Waarom kom ik toch altijd op van die vreemde dingen op momenten die juist mooie gedachten zouden moeten oproepen?

Donker in de voortuin

Gisterenavond toen het net donker was, viel de stroom uit in mijn wijk.
Ik was wat aan het opruimen en dacht dat ik een lamp stuk had gestoten, tot ik uit het raam keek en zag dat de straatlantaarns niet brandden. Sterker nog, nergens was licht. Mijn hele voortuin was veranderd in een diep donker gat. Daar, waar het lamplicht uit de vele huiskamers zich normaal een weg door de kale takken van het park baande, was nu alleen maar zwart.
Achter de ramen aan de rand van het park zag ik mensen kaarsen aansteken, in de verte zag ik bezoekers van het plaatselijke supermarktje verbaasd naar buiten komen met een zaklampje. Op het balkon naast me stak de buurman een sigaret aan. Ik had hem nog nooit gezien. In het donker maakten we met een stille glimlach kennis.
En ik dacht: ik heb nog nooit zoveel licht in een grote stad gezien.
De stroomstoring duurde hooguit vijf minuten en waar het door kwam weet ik nog steeds niet, maar van mij had het nog veel langer mogen duren. De stad was opeens zo prachtig en puur dat het me ontroerde. Het donker maakte me rustig. Ik stelde me voor hoe het in de supermarkt was, wat er in de cafes gebeurde en wat de medewerkers van de lokale radio deden. Ik bedacht wat een mazzel ik had dat ik niet net aan dat ene artikel was begonnen en vroeg me af wat de mensen deden waar de computer nu wel op een cruciaal moment was uitgevallen. Tevreden tuurde ik het donkere park in waar in de verte een klein lichtje flikkerde.
En toen ging het licht weer aan. Overal tegelijk, alsof we allemaal op een tijdsschakelaar aangesloten waren. Even was de wereld bevroren geweest en ik had ervan genoten. Misschien komt het er ooit nog wel van, als de energievoorraad echt op begint te raken en we het geld niet meer hebben om de lampen al om half vijf aan te zetten. Hoe zou het leven er dan uitzien?
Net zo rustig als tijdens die vijf donkere minuten?

5.1.05

Muziek DNA

Ik heb betaalde sms-diensten nooit echt nuttig gevonden. Waarom zou je je op een mobiel krantje van maximaal 160 tekens abonneren als je op vrijwel ieder moment van de dag via internet, televisie en radio het nieuws tot je krijgt?
Maar nu is er toch een sms-dienst die mijn hart heeft veroverd: Music DNA.
Music DNA is er voor de momenten waarop je een nummer hoort en je niet op de naam van de zanger of band kunt komen. Een voorbeeld: je zit in de auto, hoort een waanzinnig liedje op de radio, maar hebt net de aankondiging gemist. Of je bent in een cafe, hoort een klassieke wereldhit en wat je ook probeert, je kunt niet op de naam van de vertolker komen. Laatst had ik het nog, met het nummer 'Rome'. Ik was er meteen verliefd op, maar heb een uur moeten zoeken tot ik erachter kwam dat het van Novastar was. Music DNA maakt een einde aan die, soms ook vruchteloze, zoektochten. En het werkt kinderlijk eenvoudig: zodra je een liedje hoort dat je niet kent, bel je een 0900-nummer, houd je mobiele telefoon in de richting van de boxen en een minuut later ontvang je een sms met de naam van het nummer, de zanger en de cd waar het opstaat.
Dankzij een nieuwe techniek van Philips wordt de opgenomen melodie in allemaal kleine stukjes gehakt en omgevormd tot een soort dna-code. Die code wordt vergeleken met miljoenen in codes omgezette liedjes uit een gigantische cd database et voila, het nummer is herkend.
Ter test heb ik tientallen liedjes afgespeeld en vrijwel iedere keer werden ze herkend. Zelfs het redelijk onbekende hese stemgeluid van Carla Bruni wist hij te ontrafelen. En ook mijn poging het systeem in de war te brengen met de Too Many DJ's mix van Dreadlock Holiday en Independant Women mislukte. Dit nummer begint als Dreadlock Holiday en gaat pas na een halve minuut over in Independant Women, maar de computer had dat meteen door.

Er is maar een nadeel aan deze nieuwe dienst: de kosten. Ieder gesprek en dus ieder liedjes dat je opvraagt kost je 0,70 cent.
Ja, en er is nog een onhandigheid: je kunt er nogal vreemd mee overkomen in openbare ruimtes. Tijdens het boodschappen doen hoorde ik een nummer waar ik de titel van wilde weten. Ik stopte bij de vleesafdeling, hield mijn mobiele telefoon 20 seconden in de lucht, ontving een sms en was dolblij met het resultaat. Pas toen ik de verbaasde blikken van de andere mensen in de supermarkt zag, besefte ik hoe vreemd ik over was gekomen...

Musicdna.nl is ook besproken in Radio Online, luister hier.

3.1.05

To iPodify or not to iPodify

Eerst was er 'googlen', of moet ik zeggen 'googelen', en nu is er weer een nieuw werkwoord bij een populaire merknaam ontstaan en wel bij de iPod: 'iPodifing'. Ik heb zelf een keer voor de grap een beetje voor spek en bonen ge-iPodified, zie hier het droeve resultaat. Het stelt niets voor bij het echte iPodifying. Voor een kleine 20 dollar kan iedereen zich officieel laten 'iPodifien'. Ik denk dat ik er zelf ook voor zal zwichten...

Kerstklussen 2004 / 2005


kerstklussen 2004
Originally uploaded by Spotgirl.

Het leuke aan een nieuw en groter huis is dat ik veel meer ruimte heb voor de mooie spullen en prullen die ik tijdens de afgelopen jaren heb verzameld. Het nadeel: er is zoveel meer schilderwerk! Na een hele kerst afkrabben, schuren, gronden en lakken ben ik op de helft van de huiskamer. Van de honderd vierkante meters zijn er nu twintig geschilderd. Ik heb zo mijn vermoedens over hoe kerst 2005 er voor mij uit gaat zien...